De liefde is over...
Donderdag 2 mei 2019.
De dag dat ik voor een allerlaatste keer, uit vrije wil, in de Aldi zou gaan winkelen. De verleidende, lage prijzen zijn mij de stress aan de kassa
niet meer waard.
Elke keer het aan mijn beurt is breekt het zweet me uit. ‘Zal ik op
tijd alle inkopen in mijn (uiteraard herbruikbare) zakken krijgen?’ Ze maken er
een sport van om zo snel mogelijk alle inkopen te scannen. En dat is van
moeten. Mr. Hufnagel ziet het als één van de belangrijkste strategieën om de
winst op te drijven. Het personeel quoteren op het aantal scans/min. De
hartslag van de Aldi eigenlijk.
Een uitstap naar de supermarkt is bij ons meestal een kwestie niet uit
te hongeren of omdat het fruit bijna op
is en het ’s anderdaags fruitdag is op school. Het is zelden het perfecte
excuus om die welverdiende me-time te verzilveren. En als het écht niet anders kan, moeten de
kinderen mee. Dan heeft de uitstap eerder iets van een ‘Strong Viking Obstacle
Run’. Wel ideaal om je geduld te trainen: tussen alle smeekbedes en woede-uitbarstingen
door proberen om zo pedagogisch verantwoord* mogelijk de situatie onder
controle houden (*zonder vloeken, schreeuwen of huilen).
Gisteren was zo een dagje trainen met drie koters. We hadden reeds een
andere winkel achter de kiezen en mijn emmertje liep aardig vol. Dus besloot ik
om heel rustig en beleefd te vragen om alstublieft wat trager te scannen.
Blijkt dat nu een héél gevoelige kwestie te zijn. Ik kreeg geen begripvolle,
medelevende blik. Ik kreeg wel een vriendelijke verwijzing naar de inpaktafels
aan de ingang. Benieuwd wat de statistieken zeggen over het gebruik van deze
tafels.
Serieus? Zie je dan niet dat ik, met een rood aangelopen hoofd, mijn uiterste best doe om mijn drie
kinderen onder controle te houden? Ik vraag een beetje tijd, een beetje rust,
een beetje ruimte (letterlijk). Eén van de dingen die je niet in de Aldi zal vinden, zo blijkt.
Reacties
Een reactie posten